Werkvorm teamontwikkelruimte · IB'ers en directeuren
Teamkaart ontwikkelruimte
Zet je teamleden op de vier ruimtes en zie meteen waar de kwaliteit zit, welke ruimte niemand openhoudt, en wat de omvang van dit team met dat alles doet.
Stap 1
Wie zit er in dit team?
Kies één concreet team: het MT, een bouw, het IB-overleg, een leerteam. Zet achter elke naam de ruimte die deze persoon vanzelf oppakt — dat is een inschatting van gedrag in overleggen, geen oordeel over de persoon.
NaamPakt vanzelf opTweede ruimte
Stap 2
De kaart
Doorgetrokken chip = hoofdruimte, stippellijn = tweede ruimte. De balk vergelijkt het aantal hoofdrollen per ruimte.
Stap 3
Kwaliteit en valkuil
Wat je samenstelling je oplevert, en waar ze je in de weg gaat zitten.
Stap 4
Omvang en structuur
Karin Derksen noemt teamomvang de meest onderschatte succesfactor. Het aantal één-op-één relaties groeit kwadratisch: n × (n − 1) ÷ 2.
—mensen in dit team
—onderlinge relaties
Welk terugkerend overleg bij jou op school is eigenlijk geen team, maar een informatiemoment? Wie hoeft daar dan niet bij te zitten?
Waar zit een groep van twaalf tot vijftien die eigenlijk twee teams is? Waar leg je de knip, en waarop?
In hoeveel teams zit jouw IB'er of bouwcoördinator tegelijk? Wat kost dat aan aandacht, en wat levert het op?
Als je de vier ruimtes bewust verdeelt over teamleden: wie krijgt welke ruimte, in welk team, en hoe merkt de rest dat?
Derksen, K., de Caluwé, L., Rupert, J., & Simons, R.-J. (2014). Assessing developmental space in teams. Team Performance Management, 20(7/8), 277–293. Bandbreedte en relatieformule: Karin Derksen over teamomvang. De kwaliteiten en valkuilen zijn een praktische uitwerking voor deze werkvorm, geen onderdeel van het oorspronkelijke instrument.
OCLugt — Onderwijs Consult Lugt · Willem van der Lugt · Nijkerk · willem@oclugt.nltools.oclugt.nl